Jonge moslims doen minder aan het geloof dan hun ouders

Moslimjongeren in Nederland seculariseren. Geloof is voor hen minder belangrijk dan voor hun ouders. Ook brengen ze de islamitische regels en gebruiken minder in de praktijk. Van de meisjes wier moeder een hoofddoek draagt, doet ruim een derde dat zelf niet. En bijna een derde van de jongens gaat minder naar de moskee dan hun vader.

media_l_4078154Wel gaat de secularisatie bij moslimjongeren langzamer dan bij christelijke jongeren. Dit blijkt uit het eerste grootschalige onderzoek naar de geloofsbeleving van moslimjongeren, uitgevoerd door sociologen van de Universiteit Utrecht. Vanaf 2010 volgen ze 5000 Nederlandse scholieren, toen 14- en 15-jarigen, in hun ontwikkeling. Aan die groep zijn extra jongeren van Turkse en Marokkaanse komaf toegevoegd om de gegevens representatief te maken voor de islamitische gemeenschap. Inmiddels zijn de jongeren zo’n 20 jaar oud. Hun ouders deden ook mee aan het onderzoek.

Al komt de secularisatie op gang, religie blijft belangrijk voor een groot deel van de moslimjongeren. Voor driekwart van hen is geloof minstens zo belangrijk als voor hun ouders. “Deze identificatie als moslim blijft sterk onder jongeren, maar het navolgen van religieuze voorschriften neemt af”, zegt hoogleraar sociologie Frank van Tubergen, die het onderzoek uitvoerde. Later dit jaar verschijnt een boek van zijn hand met de resultaten. “Het lijkt erop dat religie voor moslimjongeren meer en meer een privézaak wordt. Ze laten vooral de aspecten van het geloof die je publiek toont achterwege.”

Diversiteit
In Engeland en Duitsland, waar tegelijkertijd dezelfde studie is gedaan, doet zich een vergelijkbaar patroon voor. Moslimjongeren worden dus beïnvloed door het overwegend seculiere land waarin ze wonen, legt Van Tubergen uit. ‘Maar bij jongeren zonder migrantenachtergrond gaat de secularisatie nog sneller. Zij groeien voornamelijk op in een seculier gezin.’

Nederlandse jongeren met religieuze ouders, voor het overgrote merendeel zijn dat christenen, verliezen vaak hun geloof. Voor meer dan de helft van deze jongeren is het geloof minder belangrijk dan voor hun ouders. Onder moslimjongeren is dat ruim een kwart. Het verschil met de Turkse en Marokkaanse jongeren wordt dus groter.

Tegen de stroom in is er een kleinere groep moslimjongeren, van 17 procent, voor wie het geloof juist nog belangrijker is dan het voor hun ouders is. Van Tubergen: ‘Gemiddeld genomen zien we dus secularisatie onder moslimjongeren. Maar tegelijkertijd nemen de verschillen in religiositeit binnen deze groep toe. De oudere generatie is sterk gelovig, de jongere generatie gemiddeld wat minder, maar met meer diversiteit.’

Vaker varkensvlees
Een aansluitend onderzoek onder Turkse en Marokkaanse moslimjongeren in Nederland laat zien in hoeverre zij de islamitische regels en gebruiken navolgen. Wat blijkt? Ze doen op alle punten minder aan geloofsregels dan hun ouders.

Moslimjongeren drinken gemiddeld vaker alcohol dan hun ouders, vasten minder met ramadan, en eten vaker varkensvlees. 30 procent van de jongens gaat minder naar de moskee dan hun vader. 35 procent van de meisjes wier moeder een hoofddoek draagt, doet dat zelf niet. Omgekeerd draagt maar 2 procent van de meisjes een hoofddoek als hun moeder dat niet doet. En een kwart van de jongeren leest minder in de Koran.

Vragen voor docenten, jongerenwerkers en ouders:

  • Wat herken je in de uitkomsten van het onderzoek?
  • Wat is verrassend?
  • Wat maakt dat verschillen in religiositeit toenemen?
Bron: Dagblad Trouw, Marije van Beek.
Share

Geef een reactie